Alles over

Macronutriënten

In dit artikel wordt een antwoord gegeven op de volgende vragen. Waarom heb je dagelijks macronutriënten nodig? Hoeveel heb je er nodig? Wat is te veel en wat is te weinig? Wat gebeurt er in je lichaam als je macronutriënten binnenkrijgt via voeding?

Wat zijn macronutriënten?

Macronutriënten zijn voedingsstoffen die je dagelijks in grote hoeveelheden nodig hebt. Het is een verzamelnaam voor koolhydraten, eiwitten, vetten en vezels. Er zijn ook micronutriënten, zoals vitamines en mineralen. In tegenstelling tot macro’s heb je van micro’s maar een kleine hoeveelheid per dag nodig. Daarom worden macronutriënten in grammen geteld, terwijl micronutriënten in milligrammen of microgrammen worden vermeld.

Dagelijkse macronutriënten

Wat is de functie van macronutriënten?

Elke macronutriënt heeft één of meerdere functies die je nodig hebt om te kunnen overleven en/of dagelijkse lichaamsprocessen en -activiteiten uit te kunnen voeren. Een ding hebben ze gemeen en dat is dat ze allen een bepaalde hoeveelheid aan energie leveren.

Koolhydraten leveren het grootste gedeelte van de energie die je dagelijks nodig hebt. In je lichaam worden koolhydraten makkelijk verteerd en omgezet in glucose. Glucose is de belangrijkste energiebron in het lichaam.

De belangrijkste functie van eiwitten is het fungeren als bouwstof in je lichaam. De meest bekende taak is het opbouwen van spiermassa, door het repareren van gescheurde spiervezels. Eiwitten zijn niet alleen handig voor het herstellen van je spieren, maar kunnen ook helpen om andere lichaamsweefsels te herstellen, zoals de huid bij een brandwond.

Vetten vormen een goede reservebron voor energie. Wanneer vetten niet direct gebruikt worden als energiebron, kunnen ze gemakkelijk worden omgezet in lichaamsvet. Die reservebron in de vorm van lichaamsvet, helpt je beschermen tegen kou en fysieke stoten van buitenaf. Daarnaast hebben vetzuren uit vetten veel meer functies in je lichaam. Vetzuren zijn samen met glycerol onderdelen waaruit vetten zijn opgebouwd.

Vezels dragen bij aan een goede stoelgang en helpen om verschillende welvaartziekten, zoals hart- en vaatziekten, te voorkomen [1]. Dit komt onder andere doordat vezels het ‘slechte’ cholesterol in je lichaam verlagen.

Macronutriënten: de brandstof voor het lichaam

Elke macronutriënt levert energie uitgedrukt in calorieën. De naam calorie duidt niet op een energiebron, maar het is een manier om de energie uit je voedsel op een simpele manier in getallen uit te drukken. Energie uit voedsel kan ook uitgedrukt worden in joule. Vandaar dat op levensmiddelenverpakkingen zowel kilocalorieën (kcal) als kilojoule (kJ) vermeld staan.

Wist je dat...

In de volksmond spreken we van calorieën, terwijl we afgekort altijd kcal gebruiken… Hoe zit het dan? Als je in dit artikel calorieën leest, dan bedoel ik eigenlijk kilocalorieën; met als voorbeeld ‘Er zitten een hoop calorieën in een pizza’ en ‘Deze pizza bevat 1367 kcal’ In beide gevallen heb ik het dus over kilocalorieën.

Hieronder zie je hoeveel calorieën elke macronutriënt levert [2]:

  • 1 gram aan koolhydraten levert 4 kcal
  • 1 gram aan eiwitten levert 4 kcal
  • 1 gram aan vetten levert 9 kcal
  • 1 gram aan vezels levert 2 kcal

Om deze getallen beter in perspectief te kunnen plaatsen, is het handig om te weten hoeveel calorieën je gemiddeld per dag nodig hebt. Voor vrouwen is dit gemiddeld 2.000 kcal per dag en voor mannen 2.500 kcal per dag [3]. Uiteraard bestaat een gemiddeld mens niet echt. De precieze energiebehoefte verschilt van persoon tot persoon. Dit is vooral afhankelijk van je lengte, gewicht en mate en intensiteit van dagelijkse lichamelijke activiteiten. De meest accurate manier om je energiebehoefte te bepalen, is om de weegschaal in de gaten te houden. Als je gewicht weinig schommelt, dan eet jij volgens je persoonlijke energiebehoefte.

Om gezond te eten is het niet noodzakelijk om te berekenen hoeveel grammen je van elke macronutriënt binnenkrijgt. Indien je de richtlijnen van de Schijf van Vijf volgt [4], zit je altijd goed wat betreft de inname van je macronutriënten. Ben je toch benieuwd hoe je rekent met macro’s? Daarvoor dien je eerst te weten in welke verhoudingen je de macronutriënten binnen moet krijgen.

Wist je dat...

1 kilocalorie staat gelijk aan 4,2 kilojoules.

Metabolisme: hoe ontstaat energie uit macronutriënten?

Voordat macronutriënten uit ons voedsel beschikbaar zijn als energiebron, volgt het voedsel een lange weg van vertering, afbraak en omzetting. Het omzetten van stoffen naar andere stoffen en/of energie, wordt metabolisme of stofwisseling genoemd.

De vertering van voedsel begint in je mond. Hier wordt het voedsel kleiner en vloeibaarder gemaakt en begint de vertering van koolhydraten. Dit gebeurt met het enzym amylase, dat het zetmeel uit koolhydraten afbreekt tot glucose [5]. Vervolgens gaat het door je slokdarm naar je maag. In je maag worden de kleine stukjes voeding nog kleiner en vloeibaarder gemaakt door het maagzuur en de maagbewegingen. In dit orgaan begint ook de vertering van vetten en eiwitten. Je maag gebruikt hiervoor de enzymen pepsine en lipase. Pepsine breekt eiwitten af tot aminozuren en lipase breekt vetten af tot vetzuren en glycerol. De vertering van macronutriënten gaat door in je twaalfvingerige darm en dunne darm. De benodigde enzymen en verteringssappen worden door je alvleesklier en galblaas afgeleverd naar je twaalfvingerige darm. De enzymen die door deze organen daarin afgegeven worden, zijn de eerder genoemde enzymen, maar ook het enzym protease voor de verdere afbraak van eiwitten tot aminozuren.

Het grootste gedeelte van de vertering van het voedsel vindt plaats in je dunne darm. Ook de opname van voedingsstoffen, zoals glucose, vetzuren, glycerol en aminozuren, vindt hier plaats [6].

Alles wat niet verteerd kan worden, komt terecht in je dikke darm. De enige macronutriënt die onverteerd je dikke darm ingaat, zijn vezels. Daarom worden ze ook wel gedefinieerd als onverteerbare koolhydraten [3]. In je dikke darm worden bepaalde voedingsvezels gefermenteerd, wat betekent dat ze door bacteriën worden afgebroken. Hieruit ontstaat een geringe hoeveelheid energie (2kcal) die je lichaam kan gebruiken.

Wist je dat...

Zeventig procent van alle vezels uit je voeding bestaat uit fermenteerbare vezels [18]. Voorbeelden van voedsel met veel fermenteerbare vezels zijn; brood, haver, bonen, bananen en prei. Niet fermenteerbare vezels zitten veel in bijvoorbeeld zemelen, appel, bonen en kool [19].

De macronutriënten (met uitzondering van vezels) zijn nu volledig afgebroken en kunnen via je darmwand in je bloed opgenomen worden. Vervolgens worden ze via je bloed naar je lichaamscellen getransporteerd. Hier bevinden zich mitochondria, deze kun je zien als energiefabriekjes van je lichaamscellen [7]. Glucose, vetzuren en aminozuren gaan er samen met zuurstof in en wat eruit komt zijn koolstofmonoxide, water en energie.

Deze energie hoeft niet gelijk gebruikt te worden en wordt daarom opgeslagen in zogenoemde ATP-moleculen. ATP staat voor adenosinetrifosfaat. De energie blijft opgeslagen zitten in dit ATP-molecuul en komt pas vrij als het nodig is voor een bepaalde lichamelijke activiteit.

Deze lichamelijke activiteiten vinden continu plaats. Zo is er energie nodig voor je ademhaling, groei, beweging, communicatie, het verteren van voeding, het herstel van lichaamscellen en meer. Zonder calorieën kun je simpelweg niet leven.

Wist je dat...

Zestig tot zeventig procent van de totale hoeveelheid aan energie wordt verbruikt door je rustmetabolisme. Dit zijn alle automatische processen in het lichaam, zoals het kloppen van het hart en de ademhaling. Daarnaast gaat tien procent van je energie naar het verteren van voedsel. Vijftien tot dertig procent gaat naar lichamelijke activiteiten, zoals lopen, praten en sporten [20].

Hoeveel macronutriënten heb je dagelijks nodig en in welke verhouding?

De aanbevolen dagelijkse hoeveelheid (ADH) voor macronutriënten wordt bepaald op basis van je persoonlijke energiebehoefte [6]. Vandaar dat de ADH van elke macronutriënt uitgedrukt wordt in een energiepercentage. Dit is het percentage van het aantal calorieën dat een specifieke macronutriënt levert, ten opzichte van het totale aantal calorieën dat je binnenkrijgt.

Omdat ieder persoon anders is, heeft iedereen een persoonlijke energiebehoefte. Daarom is ook het aanbevolen aantal gram per macronutriënt verschillend per persoon. De aanbevolen verhoudingen tussen deze macronutriënten zijn wel hetzelfde voor iedereen. De aanbevolen energiepercentages per macronutriënt zijn als volgt [17]:

Koolhydraten: 40-70 energie%
Vetten: 20-40 energie%
Eiwitten: 10-25 energie%

Je ziet dat er voor elke macronutriënt een range is van aanbevolen energiepercentages. Het laagste getal is het minimum en het hoogste getal het maximum. Je mag hierin dus variëren. Topsporters hebben bijvoorbeeld wat meer eiwitten nodig dan een persoon met een matig actief levensstijl. Daarnaast zijn er verschillende diëten die andere verhoudingen aanhouden. Denk aan een koolhydraatarm dieet of vetarm dieet.

Voorbeeld: Gemixed
Voorbeeld: Vet verliezen
Voorbeeld: Ketogeen dieet

Macronutriënten berekenen

Het berekenen van macronutriënten is geen voorwaarde om gezond te kunnen eten. Wanneer je eet volgens de algemene richtlijnen van de Schijf van Vijf krijg je automatisch de juiste verhouding aan de macro’s binnen.

Je kunt je dagelijkse behoefte aan macro’s vrij makkelijk berekenen aan de hand van energiepercentages. Stel, je energiebehoefte is 2.000 kcal per dag. Het wordt aangeraden om 40 tot 70% van deze calorieën uit koolhydraten te halen. In dit geval is dat dus 800 tot 1400 kcal uit koolhydraten. 1 Gram koolhydraten levert 4 kcal. Om van het aantal calorieën naar het aantal gram koolhydraten te gaan, moet je de calorieën delen door 4. De uitkomst hiervan is 200 tot 350 gram koolhydraten. De aanbevolen dagelijkse hoeveelheid koolhydraten voor dit geval is dus minimaal 200 en maximaal 350 gram.

De energiepercentages van macronutriënten zijn gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek. Zo is gebleken dat een hoeveelheid van 130 gram koolhydraten per dag noodzakelijk is om een bloedglucosegehalte te onderhouden dat hoog genoeg is om je brein normaal te laten functioneren. Dat is dus 130 x 4 = 520 kcal [9]. Grofweg dus 25 energieprocent koolhydraten. Echter, energie is niet alleen nodig voor je hersenen, maar voor alle lichamelijke activiteiten. Een minimum van 40 energieprocent koolhydraten is noozakelijk om een toereikende energievoorraad in de vorm van glucose te hebben. En om te voorkomen dat spiereiwitten afgebroken worden tot aminozuren, om als energiebron ingezet te worden. Daarnaast bevatten levensmiddelen met koolhydraten veel vitaminen en mineralen die vaak in mindere mate aanwezig zijn in levensmiddelen met veel eiwitten of vetten [10].

Wist je dat...

Je brein is het enige orgaan dat enkel glucose accepteert als energiebron [9]. De cellen van andere organen kunnen ook uit de voeten met de energie uit vetzuren en aminozuren. Vandaar dat er bij de berekening van de aanbevolen hoeveelheid koolhydraten allereerst is gekeken naar de glucosebehoefte van je brein.

Je kunt je eiwitbehoefte ook op een andere manier berekenen. Deze behoefte hangt namelijk sterk samen met je lichaamsgewicht, met name met je spiermassa. Je kunt je eiwitbehoefte berekenen met deze simpele formule [11]:

  • Algemene berekening: 0,8 gram eiwit x lichaamsgewicht in kg = dagelijkse eiwitbehoefte
  • Bij ziekte of topsport: 1,2 – 1,5 gram eiwit x lichaamsgewicht in kg = dagelijkse eiwitbehoefte

Voorbeeld: Stel je bent een gezonde man met een gewicht van 80 kg dan heb je als berekening 0,8 x 80 = 64 gram eiwit per dag nodig.

Het berekenen van je eiwitbehoefte is vooral belangrijk bij zieke mensen, omdat ondervoeding hier een grote rol kan spelen. Maar ook voor topatleten is dit belangrijk. Atleten hebben namelijk een hogere eiwitbehoefte die goed gemonitord dient te worden. Er zijn ook formules waarbij de vetvrije massa gebruikt wordt, in plaats van het lichaamsgewicht. Je vetvrije massa is het totale gewicht van je lichaam zonder je vetten. Hierdoor kun je je eiwitbehoefte nog beter ingeschatten.

Je vezelbehoefte wordt niet apart weergegeven in energiepercentages, omdat vezels behoren tot de koolhydraten. De dagelijkse aanbevolen hoeveelheid vezels is onderzocht door de Institute of Medicine en komt neer op een dagelijkse vezelinname van 38 gram voor mannen en 25 gram voor vrouwen. Wanneer je voldoet aan deze richtlijn verminder je de kans op hartziekten [12]. Het Voedingscentrum heeft als algemeen advies gesteld dat een vezelinname van 30 tot 40 gram per dag voldoende is om te genieten van de gezondheidsvoordelen van vezels [13].

Wist je dat...

De gemiddelde vezelinname van Nederlanders is 20 gram per dag. De meeste Nederlanders halen hun vezels vooral uit brood, granen, rijst en pasta [21].

Wat gebeurt er als je te veel of te weinig macronutriënten binnen krijgt?

Zowel het innemen van te veel als van te weinig macronutriënten heeft grote gevolgen. Zo kan het continu innemen van te veel calorieën leiden tot overgewicht en in ernstige gevallen tot obesitas.

Bij obesitas is de vetmassa in je lichaam zodanig hoog dat het nadelige gevolgen heeft voor je gezondheid. Wanneer je overgewicht of obesitas hebt, heb je een hogere kans op het ontwikkelen van diabetes type 2 (suikerziekte) [14]. De reden dat je vetmassa toeneemt, komt doordat je lichaam meer energie binnenkrijgt dan het nodig heeft.

Glucose, de grootste energiebron, kan slechts in kleine hoeveelheden opgeslagen worden in je spieren en lever [15]. Daarnaast waakt je lichaam ervoor dat je glucosegehalte niet te hoog wordt. Daarom wordt de energie, die niet op korte termijn gebruikt, door je lichaam omgezet in lichaamsvet en opgeslagen als reservebron.

In sommige gevallen is het nodig om meer calorieën in te nemen dan je lichaam per dag nodig heeft. Dit is het geval bij mensen met ondergewicht of ondervoeding. Als je last hebt van ondergewicht is het juist goed om in vetmassa aan te komen, omdat het hebben van ondergewicht vele risico’s met zich meebrengt.

Wist je dat...

Ongeveer 44% van de Nederlanders heeft overgewicht, tegenover ongeveer 2,5% die ondergewicht heeft. Iets meer mannen dan vrouwen hebben overgewicht, terwijl dat dit voor ondergewicht andersom is [22].

Het innemen van te weinig calorieën zorgt ervoor dat je vetmassa afneemt. Je lichaam breekt namelijk lichaamsvet af, zodat het vetzuren kan gebruiken als energiebron. Als dit niet voldoende is, zal je lichaam je spieren langzaam afbreken om de aminozuren te gebruiken als energiebron.

Wanneer er voor lange tijd te weinig calorieën ingenomen worden, bijvoorbeeld bij ziekte of hongersnood, kun je ondervoed raken en last krijgen van ondergewicht. Ondervoeding verlaagt de spiermassa, verzwakt het immuunsysteem, vertraagt het herstelproces van een ziekte of wond en verhoogt de kans op sterven [16].

In sommige gevallen is het noodzakelijk om minder calorieën in te nemen dan je lichaam eigenlijk nodig heeft. Dit is het geval bij mensen met overgewicht of obesitas. Hierbij is het belangrijk dat je niet teveel calorieën schrapt, zodat je ondervoeding voorkomt. Ondervoeding is namelijk ook mogelijk bij mensen met overgewicht of obesitas.

Je lichaam heeft namelijk dagelijks een minimale hoeveelheid aan voedingsstoffen en energie nodig om normaal te kunnen functioneren. Wanneer je minder energie uit voeding binnenkrijgt, zal je lichaam overstappen op de afbraak van lichaamsvet. Maar deze switch naar een andere manier van verbranden kost tijd. Ondertussen kan je lichaam dan je spieren gaan afbreken om aan energie te komen. Dit wil je natuurlijk voorkomen, ook als je overgewicht hebt. Daarnaast kun je ook ondervoed raken door tekorten aan vitaminen en mineralen. Als je weinig eet, krijg je ook te weinig van deze voedingsstoffen binnen.

Wist je dat...

Ook mensen met overgewicht ondervoed kunnen raken. Ook wanneer je voldoende eet en voldoende calorieën binnenkrijgt, kun je te weinig voedingsstoffen binnenkrijgen. Zo kun je ondervoed raken door een tekort aan vitaminen en mineralen.

Samenvatting

Macronutriënten zijn koolhydraten, vetten, eiwitten en voedingsvezels. Koolhydraten leveren de belangrijkste energiebron: glucose. Vetten fungeren vooral als reservebron voor energie en beschermen je lichaam tegen kou en stoten. Eiwitten zijn bouwstoffen en vezels zijn onder andere nodig voor een goede stoelgang.

Macronutriënten leveren daarnaast een bepaalde hoeveelheid aan energie. Voordat er energie gehaald kan worden uit je voedsel, legt het een lange weg door je verteringsstelsel. In de dunne darm worden de macro’s met allerlei andere stoffen opgenomen in het bloed. Je bloed transporteert dit vervolgens naar je lichaamscellen en voorziet ze zo van energie.

Deze energie is nodig voor alle lichaamsprocessen en lichamelijke activiteiten. Hoeveel energie je nodig hebt, is afhankelijk van je persoonlijke energiebehoefte. Wanneer je gewicht gedurende een langere periode stabiel is, weet je dat je eet volgens je persoonlijke behoefte.

De hoeveelheid die je van elke macronutriënt dagelijks nodig hebt, is afhankelijk van deze energiebehoefte. Voor koolhydraten is dat 40 tot 70 energieprocent, voor eiwitten 10 tot 25 en voor vetten 20 tot 40. De aanbevolen verhoudingen tussen de macro’s is voor iedereen hetzelfde.

Wanneer je te weinig macronutriënten eet, krijg je te weinig calorieën binnen. Hierdoor val je af. Dit is natuurlijk niet erg als je intentioneel wil afvallen bij overgewicht, maar kan fataal zijn voor mensen met ondergewicht en/of ondervoeding. Aan de andere kant zul je aankomen in gewicht, als je te veel calorieën binnenkrijgt.

Bronnen

1. De Henauw, S., et al.(2017). Handboek voeding: van basisconcepten tot metabolisme. Acco Uitgeverij; Leuven.

2. Food and Nutrition Information Center. (z.d.). How many calories are in one gram of fat, carbohydrate, or protein? Geraadpleegd op 28 februari 2021 van: https://www.nal.usda.gov/fnic/how-many-calories-are-one-gram-fat-carbohydrate-or-protein

3. Voedingscentrum. (z.d.). Hoeveel calorieën heb ik nodig? Geraadpleegd op 28 februari 2021 van: https://www.voedingscentrum.nl/nl/service/vraag-en-antwoord/gezonde-voeding-en-voedingsstoffen/hoeveel-calorie-n-heb-ik-nodig-.aspx

4. Voedingscentrum. (z.d.). Gezond eten met de Schijf van Vijf. Geraadpleegd op 28 februari 2021 van: https://www.voedingscentrum.nl/nl/gezond-eten-met-de-schijf-van-vijf.aspx

5. Smith, M. E., & Morton, D. G. (2011). The Digestive System: Systems of the Body Series. Elsevier Health Sciences.

6. Geissler, C., & Powers, H. (2011). Human Nutrition. Churchill Livingstone.

7. Cooper, G. M., & Hausman, R. E. (2000). A molecular approach. The Cell. 2nd ed. Sunderland, MA: Sinauer Associates.

8. Govers, E. (2012, oktober). Richtlijn 9: Overgewicht en obesitas. 20/10 uitgevers: https://www.dieetbehandelingsrichtlijnen.nl/richtlijnen/09HK_overgewicht_en_obesitas_1.html

9. Lupton, J. R., et al. (2002). Dietary reference intakes for energy, carbohydrate, fiber, fat, fatty acids, cholesterol, protein, and amino acids. National Academy Press: Washington, DC, USA, 5, 589-768.

10. Voedingscentrum. (z.d.). Koolhydraten. Geraadpleegd op 28 februari 2021 van: https://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/koolhydraten.aspx

11. Kruizenga, H. M., & Wierdsma, N. J. (2014). Zakboek diëtetiek. Amsterdam University Press.

12. Institute of Medicine (2005). Dietary Reference Intakes for Energy, Carbohydrate, Fiber, Fat, Fatty Acids, Cholesterol, Protein, and Amino Acids. The National Academies Press.

13. Voedingscentrum. (z.d.). Vezels. Geraadpleegd op 28 februari 2021 van: https://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/vezels.aspx#blok1

14. Het Diabetes Fonds. (z.d.). De schakel tussen overgewicht en diabetes type 2? Geraadpleegd op 28 februari 2021 van: https://www.diabetesfonds.nl/wat-we-doen/onderzoek/de-schakel-tussen-overgewicht-en-diabetes-type-2

15. Voedingscentrum. (z.d.). Glucose. Geraadpleegd op 28 februari 2021, van: https://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/glucose.aspx#:%7E:text=Je%20lichaam%20kan%20een%20kleine,om%20een%20uur%20te%20sporten

16. Kruizenga, H., et al. (2019). Richtlijn ondervoeding. Stuurgroep Ondervoeding: https://www.stuurgroepondervoeding.nl/wp-content/uploads/2019/02/SoV01-Richtlijn-Ondervoeding-losse-paginas-210x297februari-2019.pdf

17. Gezondheidsraad (2001). Voedingsnormen: energie, eiwitten, vetten en verteerbare koolhydraten. Geraadpleegd op 27 februari 2021 van: https://www.gezondheidsraad.nl/documenten/adviezen/2001/07/18/voedingsnormen-energie-eiwitten-vetten-en-verteerbare-koolhydraten

18. Voedingscentrum (z.d.). Vezels. Geraadpleegd op 13 maart 2021 van: https://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/vezels.aspx]#:%7E:text=en%20nauwelijks%20fermenteerbaar.-,Fermenteerbare%20vezels,Dat%20heet%20fermentatie

19. Maag Lever Darm Stichting (2020). Wat zijn vezels? Geraadpleegd op 19 februari 2021 van: https://www.mlds.nl/hoe-gezond-is-jouw-buik/artikelen/wat-zijn-vezels/#:%7E:text=Fermenteerbare%20vezels%20worden%20in%20de,staan%20de%20niet%2Dfermenteerbare%20voedingsvezels

20. Milder, I. E. J., et al. (2010). Effect van verandering in de energie-inneming of de lichamelijke activiteit op het lichaamsgewicht: Een verkenning van de literatuur rond de energiebalans. Geraadpleegd op 26 februari 2021 van: https://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/260464001.pdf

21. RIVM (2016). Inname vezel. Voedselconsumptiepeiling. Geraadpleegd op 13 maart 2021 van: https://www.wateetnederland.nl/resultaten/energie-en-macronutrienten/inname/vezel

22. CBS (2021). Lengte en gewicht van personen, ondergewicht en overgewicht; vanaf 1981. Geraadpleegd op 13 maart 2021 van: https://www.cbs.nl/nl-nl/cijfers/detail/81565NED?dl=35805

Geschreven door

Rabia Kechouch beantwoordt jouw vragen | Gezondeten.nl

Rabia Kechouh

Diëtist i.o.

Mogelijk ook interessant om te weten

Gezondeten.nl Vetten, een onmisbaar onderdeel van het dieet?

Vetten, een onmisbaar onderdeel van het dieet?

Alles over Vetten Wat zijn vetten? Vetten zijn belangrijke voedingsstoffen die je lichaam van ...

Alles over Koolhydraten

Alles wat jij moet weten over koolhydraten

Alles over Koolhydraten Koolhydraten hebben vaak een slechte naam en worden al snel gelinkt aan gewichtstoename. Maar niet all...

Afvallen, hoe doe je dat op een gezonde manier?

Afvallen, hoe doe je dat op een gezonde manier?

Alles over Afvallen Een gezond gewicht is belangrijk voor je gezondheid. Bij overgewicht is het daarom belangrijk om af te val...

Behaal jouw doelen met een gepersonaliseerd voedingsschema

Behaal jouw doelen met een gepersonaliseerd voedingsschema

Alles over Voedingsschema Je wilt gezonder eten, afvallen, aankomen of op gewicht blijven. Een voedingsschema geeft je meer ho...

Wat kan je van een online diëtist verwachten?

Wat kan je van een online diëtist verwachten?

Alles over Online diëtisten Een diëtist helpt je bij het aanleren van een gezond voedingspatroon, onder andere door gesprekken...

Volg ons